CBb 27 januari 2026, ECLI:NL:CBB:2026:26

Accountantstuchtrecht. Eerder heeft het College al geoordeeld dat het strafrecht en het tuchtrecht naast elkaar kunnen worden ingezet. Dat de accountantskamer in haar (tuchtrechtelijke) oordeel over het handelen van de accountant verwijst naar het oordeel van de rechtbank Amsterdam, betekent niet dat geen eigen beoordeling, met toepassing van het tuchtrechtelijke toetsingskader, door de accountantskamer heeft plaatsgevonden. Het College onderschrijft het oordeel van de accountantskamer dat de accountant door gedurende een langere periode facturen met valse informatie in het maatschappelijk verkeer te hebben gebracht en/of betaald, hij in ernstige mate de fundamentele beginselen van integriteit en professionaliteit heeft geschonden. Een doorhaling waarbij de termijn wordt bepaald op vijf jaar acht het College hier, anders dan de accountantskamer, passend en geboden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken