CBb 24 september 2024, ECLI:NL:CBB:2024:648
Appellant heeft niet toegelicht hoe zijn belang zich onderscheidt van het belang van andere exploitanten. Daarnaast heeft de staatssecretaris bevestigd dat appellant (nog steeds) bij MME, dan wel andere aangewezen keuringsinstellingen, zijn attracties kan laten keuren. Daaraan staat niet in de weg dat MME bij de attracties eventueel ook NDO-inspecties heeft uitgevoerd. Dat het volgens appellant niet mogelijk en ongewenst is om attracties te laten keuren door buitenlandse aangewezen instellingen vanwege taalproblemen en tijdgebrek doet hieraan ook niet af. Het is daarmee niet aannemelijk geworden dat het aanwijzingsbesluit feitelijke gevolgen heeft voor appellant, zodat hij geen persoonlijk belang heeft bij het aanwijzingsbesluit.
De uitspraak op rechtspraak.nl