CBb 30 april 2024, ECLI:NL:CBB:2024:314
Tucht. Een accountant, die jaren lang als accountant voor een onderneming heeft gewerkt, treedt toe tot het bestuur van de Stichting Administratiekantoor (STAK) dat de aandelen in de onderneming houdt en treedt later ook toe tot het bestuur van de Holding. De accountantswerkzaamheden draagt hij aan een ander over. De klacht houdt onder meer in dat de accountant niet tot die besturen had moeten toetreden, dat door de toetreding tot het bestuur van de STAK sprake is van een belangenverstrengeling, en dat de accountant onvoldoende maatregelen heeft getroffen om schending van fundamentele beginselen te voorkomen. De accountantskamer verklaarde de klachtonderdelen deels gegrond. Het College is net als de accountantskamer van oordeel dat de accountant onvoldoende maatregelen heeft getroffen om de bedreiging voor het zich houden aan de fundamentele beginselen te voorkomen. Het College legt echter een lichtere maatregel op. Het College acht het opleggen van de maatregel van berisping passend en geboden.
De uitspraak op rechtspraak.nl