CBb 25 januari 2022, ECLI:NL:CBB:2022:42
Tabak- en rookwarenwet. Hoger beroep ongegrond. Boeteoplegging wegens overschrijding artikel 8, eerste lid, van de Tbr. Anders dan de staatssecretaris betoogt, kan uit het afschrift van de registratie van het contactmoment uit het inspectieregistratiesysteem van de NVWA van 19 september 2018 niet worden afgeleid dat verweerster vanaf dat moment op de hoogte was van de voorgenomen boete. Dit betekent dat verweerster voor het eerst op 16 november 2018 door toezending van het rapport van bevindingen op de hoogte is gesteld van de toedracht van de overtreding. Het College oordeelt het tijdsverloop van ruim twee maanden tussen de gestelde overtreding en de toezending van het relaas te lang om verweerster in staat te stellen om een concreet op de zaak toegespitst inhoudelijk verweer te voeren. Hiermee is verweerster in haar in artikel 6, derde lid, van het EVRM verdedigingsrechten geschaad.
De uitspraak op rechtspraak.nl