CBb 11 mei 2021, ECLI:NL:CBB:2021:487
Landbouw. Perceel 5 dat kan niet als (onderdeel van een) park worden aangemerkt, maar verweerder heeft terecht geconcludeerd dat het perceel dusdanig is verruigd en verstruikt dat het niet kan worden aangemerkt als landbouwareaal. De percelen 9 tot en met 14 en 21 zijn, gelet op de vooral bruine en grijze kleuren, de zichtbare structuur van de percelen en de aanwezige bosschages, dusdanig verruigd en verstruikt dat deze percelen ook niet als landbouwareaal kunnen worden aangemerkt. Verder kan het beroep op het vertrouwensbeginsel en het ontbreken van schuld kan niet slagen, omdat appellante zelf de verantwoordelijk heeft om de Gecombineerde opgave juist in te vullen en de feitelijke situatie van belang is.
De uitspraak op rechtspraak.nl