CBb 21 april 2020, ECLI:NL:CBB:2020:296
Hoger beroep. Voedselveiligheid. Fipronil. Door Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) in september 2017 opgelegde lasten onder dwangsom aan een eiverwerkend bedrijf. Normen voor eiproducten. Het bedrijf heeft eieren ingekocht en verwerkt, waarvan later is gebleken dat deze fipronil bevatten. Nadat de rechtbank een deel van de lasten onder dwangsom heeft vernietigd maar de rechtsgevolgen gedeeltelijk in stand heeft gelaten, bepaalt het College dat de beide lasten onder dwangsom geheel dienen te worden vernietigd. De eerste last onder dwangsom is gebaseerd op artikel 18 van Verordening (EG) nr. 178/2002. Dit artikel ziet op de traceerbaarheid van levensmiddelen. Op basis van – uitsluitend – dat artikel kan niet de verplichting worden opgelegd dat een producent een risicoberekening uitvoert naar de fipronilwaarde in de door hem geproduceerde eiproducten en de NVWA vervolgens daarover informeert. De tweede last onder dwangsom is gebaseerd op artikel 19 van Verordening (EG) nr. 178/2002. Dat artikel is gericht op het uit de handel nemen van levensmiddelen die niet aan de voedselveiligheidsvoorschriften voldoen. De NVWA heeft de producent níet gewezen op de recallverplichting, maar heeft slechts de verplichting opgelegd om afnemers te informeren. Het College is van oordeel dat de verplichting om afnemers te informeren niet los kan worden gezien van een recallverplichting. De Minister heeft niet duidelijk kunnen maken welk redelijk doel was gediend met het opleggen aan het bedrijf van – uitsluitend – een last om afnemers te informeren.
De uitspraak op rechtspraak.nl