CBb 20 augustus 2019, ECLI:NL:CBB:2019:359
Appellante voert aan dat verweerder bij het berekenen van de fosfaatrechten is uitgegaan van een te lage totale melkproductie in 2015. Vaststaat evenwel dat bij de vaststelling van de totale melkproductie in 2015 reeds rekening is gehouden met de vervoederde melk. Voor een (verdere) verhoging van de totale melkproductie in 2015 is door appellante onvoldoende bewijs overgelegd.
De uitspraak op rechtspraak.nl