HvJ EU 11 september 2008, C-305/06, ECLI:EU:C:2008:486

De uitspraak op EUR-Lex

Tekst

Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 11 september 2008 – Commissie / Griekenland

(Zaak C‑305/06)

„Niet-nakoming – Gecombineerd vervoer van goederen tussen lidstaten – Richtlijn 92/106/EG – Eindvervoer over weg dat integrerend bestanddeel vormt van gecombineerd vervoer – Dichtstbijzijnd geschikt spoorwegstation”

1. Beroep wegens niet-nakoming – Bewijs van niet-nakoming – Bewijslast rustend op Commissie – Vermoedens – Ontoelaatbaarheid (Art. 226 EG) (cf. punt 41)

2. Beroep wegens niet-nakoming – Inleidend verzoekschrift – Uiteenzetting van bezwaren en middelen – Vormvereisten – Ondubbelzinnige formulering van conclusies (Art. 226 EG; Statuut van het Hof van Justitie, art. 21; Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 38, lid 1, sub c) (cf. punt 47)

Voorwerp

Niet-nakoming – Schending van de artikelen 2 en 4 van richtlijn 92/106/EEG van de Raad van 7 december 1992 houdende vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften voor bepaalde vormen van gecombineerd vervoer van goederen tussen lidstaten (PB L 368, blz. 38) – Eindvervoer over de weg dat een integrerend bestanddeel vormt van gecombineerd vervoer – Vereiste van een Griekse transportvergunning

Dictum

1) Het beroep wordt verworpen.

2) De Commissie van de Europese Gemeenschappen wordt verwezen in de kosten.

Aangehaalde artikelen

Aangehaald in