Art. 1.2.25 Wetboek van Strafvordering
1. In elke rechtbank zijn rechters-commissarissen voor het in bij de wet bepaalde gevallen uitoefenen van bevoegdheden in het kader van de strafvordering.
2. De rechter-commissaris oefent zijn bevoegdheden uit in het belang van de rechtsbescherming en van de volledigheid, de evenwichtigheid en de voortgang van het opsporingsonderzoek.