Art. 12.7 Archiefwet met vermelding van het jaartal van het Staatsblad waarin zij zal worden geplaatst, Overgangsbepalingen rijksarchivaris

Archiefwet met vermelding van het jaartal van het Staatsblad waarin zij zal worden geplaatst

1. De algemene rijksarchivaris die is aangewezen op grond van de Archiefwet 1995, zoals die luidde voor de inwerkingtreding van deze wet, wordt geacht als rijksarchivaris te zijn aangewezen op grond van artikel 6.3, eerste lid, van deze wet.

2. De publiekrechtelijke rechten en verplichtingen van de rijksarchivarissen, bedoeld in artikel 26, tweede lid, van de Archiefwet 1995, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van deze wet, gaan met ingang van het moment van inwerkingtreding van deze wet over op de rijksarchivaris.

3. Bezwaarschriften die aanhangig zijn bij een rijksarchivaris als bedoeld in artikel 26, tweede lid, van de Archiefwet 1995, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van deze wet, gaan met ingang van het moment van inwerkingtreding van deze wet, in de stand waarin zij zich bevinden, over op de rijksarchivaris.

4. In bestuursrechtelijke gedingen waarin een rijksarchivaris als bedoeld in artikel 26, tweede lid, van de Archiefwet 1995, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van deze wet, partij is, treedt de rijksarchivaris met ingang van het moment van inwerkingtreding van deze wet in zijn plaats, zonder dat daarvoor een betekening nodig is en met overneming van de aanwijzing van een gemachtigde.

Verwijst naar

Toelichting

Vorige artikelen

Volgende artikelen