Art. 5 Verdrag van de Raad van Europa tot bescherming van het advocatenberoep, Recht op uitoefening van het beroep

Verdrag van de Raad van Europa tot bescherming van het advocatenberoep

1. De partijen waarborgen dat de toelating tot, de voortgezette inschrijving van en de herintreding tot het beroep van advocaat bij wet worden voorgeschreven en:

a. op basis van objectieve, relevante en transparante criteria geschieden die volgens een eerlijk proces worden toegepast; en

b. niet onderworpen zijn aan discriminatie op een grond die verboden is door de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.

2. De partijen waarborgen dat besluiten betreffende toelating, voortgezette inschrijving en herintreding tot het beroep van advocaat worden genomen door een beroepsvereniging of een ander onafhankelijk orgaan en kunnen worden aangevochten voor een onafhankelijk en onpartijdig gerecht dat bij wet is ingesteld.

Artikelen die hiernaar verwijzen

Vorige artikelen

Volgende artikelen