Art. 11 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat, Bescherming van de privacy en persoonsgegevens

Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat

Elke partij treft of handhaaft maatregelen om met betrekking tot de activiteiten binnen de levenscyclus van AI-systemen te waarborgen dat:

a. de privacyrechten van personen en hun persoonsgegevens worden beschermd, onder meer door middel van toepasselijke nationale en internationale wetten, normen en kaders; en

b. er doeltreffende waarborgen voor personen zijn ingevoerd, overeenkomstig de toepasselijke nationale en internationale wettelijke verplichtingen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen