Art. 35 Partnerschapsovereenkomst op het gebied van betrekkingen en samenwerking tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Nieuw-Zeeland, anderzijds, Asiel en migratie

Partnerschapsovereenkomst op het gebied van betrekkingen en samenwerking tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Nieuw-Zeeland, anderzijds

1. De partijen bevestigen opnieuw hun verbintenis om samen te werken en van gedachten te wisselen op het gebied van migratie, met inbegrip van illegale migratie, mensenhandel, asiel, integratie, arbeidsmobiliteit en ontwikkeling, documentveiligheid, visa, biometrie en grensbeheer.

2. De partijen komen overeen samen te werken teneinde illegale migratie te voorkomen en te controleren. Hiertoe geldt het volgende: Overeenkomstig hun internationale verplichtingen, onder meer uit hoofde van het op 7 december 1944 ondertekende Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart, verstrekken de lidstaten en Nieuw-Zeeland hun onderdanen daartoe de nodige identiteitsdocumenten.

a. Nieuw-Zeeland zal zijn onderdanen die illegaal op het grondgebied van een lidstaat verblijven, op verzoek van die lidstaat zonder verdere formaliteiten overnemen; en

b. elke lidstaat zal zijn onderdanen die illegaal op het grondgebied van Nieuw-Zeeland verblijven, op verzoek van dat land zonder verdere formaliteiten overnemen.

3. De partijen gaan na, op verzoek van een van beide partijen, of de sluiting van een overeenkomst tussen Nieuw-Zeeland en de Europese Unie op het gebied van overname, overeenkomstig artikel 52, lid 1, van deze overeenkomst, mogelijk is. In die overeenkomst worden passende regelingen opgenomen voor onderdanen van derde landen en staatloze personen.

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen