Art. 101 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds, Samenstelling en taken
Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
1. De Gezamenlijke Raad bestaat uit de betrokken leden van de Raad van de EU en de betrokken leden van de Europese Commissie of hun vertegenwoordigers, enerzijds, en de betrokken ministers van de SADC-EPO-staten of hun vertegenwoordigers, anderzijds. De eerste vergadering van de Gezamenlijke Raad wordt gezamenlijk voorgezeten door de partijen.
2. Met betrekking tot aangelegenheden ten aanzien waarvan de SACU voor de toepassing van deze overeenkomst als collectief optreedt, treedt zij in het kader van deze bepaling als collectief op en wordt zij door de EU als zodanig behandeld. Met betrekking tot aangelegenheden ten aanzien waarvan de lidstaten van de SACU in het kader van deze bepaling individueel optreden, treedt de betrokken SACU-lidstaat individueel op en wordt hij door de EU als zodanig behandeld.
3. Onverminderd de in artikel 15 van de Overeenkomst van Cotonou genoemde taken van de Raad van Ministers, heeft de Gezamenlijke Raad de volgende taken:
a. hij is verantwoordelijk voor de werking en de uitvoering van deze overeenkomst en ziet toe op de verwezenlijking van de doelstellingen ervan;
b. hij behandelt alle belangrijke vraagstukken die zich in het kader van deze overeenkomst voordoen en die van gemeenschappelijk belang zijn en gevolgen hebben voor de handel tussen de partijen;
c. hij behandelt voorstellen en aanbevelingen van de partijen met het oog op de herziening van deze overeenkomst;
d. hij doet passende aanbevelingen;
e. hij houdt toezicht op de ontwikkeling van de economische en handelsbetrekkingen tussen de partijen;
f. hij houdt toezicht op en evalueert de gevolgen van de bepalingen van deze overeenkomst inzake samenwerking voor de duurzame ontwikkeling;
g. hij houdt toezicht op en beoordeelt de vooruitgang op alle door deze overeenkomst bestreken gebieden;
h. hij stelt zijn eigen reglement van orde vast;
i. hij stelt het reglement van orde van het Handels- en ontwikkelingscomité vast;
j. hij houdt toezicht op de werkzaamheden van het Handels- en ontwikkelingscomité, en
k. hij voert andere taken uit hoofde van deze overeenkomst uit.
4. De Gezamenlijke Raad kan periodiek verslagen over de werking van deze overeenkomst indienen bij de Raad van Ministers die is opgericht overeenkomstig artikel 15 van de Overeenkomst van Cotonou.
Verwijst naar
Artikelen die hiernaar verwijzen
Vorige artikelen
- Artikel 96 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
- Artikel 97 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
- Artikel 98 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
- Artikel 99 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
- Artikel 100 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
Volgende artikelen
- Artikel 102 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
- Artikel 103 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
- Artikel 104 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
- Artikel 105 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
- Artikel 106 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds