Art. 12 Verdrag tot het vaststellen van enige eenvormige regelen betreffende aanvaring

Verdrag tot het vaststellen van enige eenvormige regelen betreffende aanvaring

De bepalingen van dit verdrag zullen worden toegepast ten aanzien van alle belanghebbenden, wanneer alle betrokken schepen behooren tot Staten der hooge verdragsluitende partijen en voorts in de andere door de nationale wetgevingen voorziene gevallen.

Alles niettemin met dien verstande dat:

1°. ten aanzien van belanghebbenden, die onderdanen zijn van een niet-verdragsluitenden Staat, de toepassing van gezegde bepalingen door iederen verdragsluitenden Staat afhankelijk kan worden gemaakt van de voorwaarde van wederkeerigheid;

2°. wanneer alle belanghebbenden onderdanen zijn van den Staat waartoe het betrokken gerecht behoort, de nationale wet en niet het verdrag toepasselijk is.

Vorige artikelen

Volgende artikelen