Art. 1 Verdrag nopens zekere vragen betreffende wetsconflicten inzake nationaliteit, — Algemeene beginselen.
Verdrag nopens zekere vragen betreffende wetsconflicten inzake nationaliteit
Het behoort tot de bevoegdheid van iederen Staat in zijn wetgeving te bepalen, wie zijn onderdanen zijn. Deze wetgeving moet door de andere Staten worden erkend, voor zoover zij in overeenstemming is met de internationale verdragen, de internationale gewoonte en de algemeen erkende rechtsbeginselen ter zake van nationaliteit.