Art. III Maritiem arbeidsverdrag, 2006, Fundamentele rechten en beginselen

Maritiem arbeidsverdrag, 2006

Elk Lid vergewist zich ervan dat de bepalingen van zijn wet- en regelgeving, in de context van dit Verdrag, de volgende fundamentele rechten eerbiedigen:

a. de vrijheid van vereniging en de daadwerkelijke erkenning van het recht op collectieve onderhandelingen;

b. de uitbanning van alle vormen van gedwongen of verplichte arbeid;

c. de daadwerkelijke afschaffing van kinderarbeid; en

d. de uitbanning van discriminatie ten aanzien van werkgelegenheid en beroepsuitoefening.

Artikelen die hiernaar verwijzen

Vorige artikelen

Volgende artikelen