Art. 28 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen, Huisvesting, voeding en kleding van krijgsgevangenen
Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
In alle kampen zullen cantines worden ingericht, waar de krijgsgevangenen zich levensmiddelen, voorwerpen voor dagelijks gebruik, zeep en tabak kunnen aanschaffen, waarvan de verkoopsprijs in geen geval de handelsprijs ter plaatse mag te boven gaan.
De winsten van de cantines zullen worden aangewend ten behoeve van de krijgsgevangenen; een speciaal fonds zal daartoe worden gesticht. De vertrouwensman heeft het recht mede te werken aan de administratie van de cantine en aan het beheer van het fonds.
Bij de opheffing van een kamp zal het batig saldo van het speciale fonds aan een internationale humanitaire organisatie worden overgedragen, ten einde te worden gebruikt ten behoeve van krijgsgevangenen van dezelfde nationaliteit als degenen die hebben bijgedragen tot de vorming van het fonds. In geval van algemene repatriëring zullen de saldi door de gevangenhoudende Mogendheid worden behouden, tenzij anders overeengekomen tussen de betrokken Mogendheden.
Vorige artikelen
- Artikel 23 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 24 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 25 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 26 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 27 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
Volgende artikelen
- Artikel 29 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 30 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 31 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 32 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 33 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen