Art. VII Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Verenigde Naties, Laissez-passer van de Verenigde Naties.
Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Verenigde Naties
§ 24. De Verenigde Naties kunnen aan haar functionarissen laissez-passer uitgeven. Deze laissez-passer zullen door de autoriteiten van de Leden erkend en aanvaard worden als geldige reispapieren met inachtneming van de bepalingen van § 25.
§ 25. Aanvragen om visa, (indien deze nodig zijn), ingediend door de houders van laissez-passer van de Verenigde Naties zullen, indien zij vergezeld zijn van een certificaat, dat de houders reizen voor zaken van de Verenigde Naties, met zo groot mogelijke spoed behandeld worden. Bovendien zullen aan deze personen faciliteiten voor snel reizen worden verleend.
§ 26. Gelijksoortige faciliteiten, als bedoeld in § 25, zullen worden toegekend aan deskundigen en andere personen, die, hoewel zij geen houders van laissez-passer van de Verenigde Naties zijn, een certificaat hebben, dat zij reizen voor zaken van de Verenigde Naties.
§ 27. Aan de Secretaris-Generaal, de adjunct-Secretarissen-Generaal en de Directeuren, die reizen met laissez-passer van de Verenigde Naties voor zaken van de Verenigde Naties, zullen dezelfde faciliteiten worden verleend als worden toegekend aan personen, die met een diplomatieke zending belast zijn.
§ 28. De bepalingen van dit artikel kunnen worden toegepast op vergelijkbare functionarissen van gespecialiseerde organisaties, indien de overeenkomsten, waarbij deze organisaties krachtens art. 63 van het Handvest met de Verenigde Naties in verband worden gebracht dit voorzien.
Verwijst naar
Artikelen die hiernaar verwijzen
- Artikel 19 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende het United Nations Office for the Coordination of Humanitarian Affairs in Den Haag
- Artikel 19 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Sint Maarten, en de Verenigde Naties inzake de vestiging van een kantoor van het United Nations Office for Project Services in Sint Maarten
- Artikel 17 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende het Centre for Artificial Intelligence and Robotics in '-s Gravenhage van het United Nations Interregional Crime and Justice Research Institute
- Artikel 19 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties betreffende het kantoor van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties in ‘s-Gravenhage
- Artikel 17 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Sint Maarten, en de Verenigde Naties inzake de vestiging van een kantoor van het United Nations Office for Project Services in Sint Maarten
- Artikel 18 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende het Centre for Artificial Intelligence and Robotics in '-s Gravenhage van het United Nations Interregional Crime and Justice Research Institute
- Artikel 30 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties betreffende het kantoor van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties in ‘s-Gravenhage
- Artikel 19 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende het Centre for Artificial Intelligence and Robotics in '-s Gravenhage van het United Nations Interregional Crime and Justice Research Institute
- Artikel 18 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Sint Maarten, en de Verenigde Naties inzake de vestiging van een kantoor van het United Nations Office for Project Services in Sint Maarten
- Artikel 18 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende het United Nations Office for the Coordination of Humanitarian Affairs in Den Haag
- Artikel 33 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende de zetel van het Internationaal Restmechanisme voor Straftribunalen
- Artikel XII Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende de Negentiende Bijeenkomst van de Staten die partij zijn bij het Verdrag inzake het verbod van het gebruik, de aanleg van voorraden, de productie en de overdracht van anti-personeelmijnen en inzake de vernietiging van deze wapens
- Artikel 17 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties betreffende het kantoor van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties in ‘s-Gravenhage
- Artikel 18 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties betreffende het kantoor van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties in ‘s-Gravenhage
- Artikel 17 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende het United Nations Office for the Coordination of Humanitarian Affairs in Den Haag
- Artikel 28 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Sint Maarten, en de Verenigde Naties inzake de vestiging van een kantoor van het United Nations Office for Project Services in Sint Maarten
- Artikel 29 Gastlandverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende het United Nations Office for the Coordination of Humanitarian Affairs in Den Haag
- Artikel 16 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende de zetel van het Internationaal Restmechanisme voor Straftribunalen
- Artikel 17 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende de zetel van het Internationaal Restmechanisme voor Straftribunalen
- Artikel 18 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende de zetel van het Internationaal Restmechanisme voor Straftribunalen
Vorige artikelen
- Artikel II Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Verenigde Naties
- Artikel III Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Verenigde Naties
- Artikel IV Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Verenigde Naties
- Artikel V Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Verenigde Naties
- Artikel VI Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Verenigde Naties