Art. 16 Verdrag van Chicago, Doorzoeken van luchtvaartuigen

Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart (Verdrag van Chicago)

De bevoegde autoriteiten van elk van de Verdragsluitende Staten hebben het recht zonder onredelijke vertraging luchtvaartuigen van de andere Verdragsluitende Staten bij landing of vertrek te doorzoeken en de bewijzen en andere bescheiden, door dit Verdrag voorgeschreven, te controleren.

Artikelen die hiernaar verwijzen

Vorige artikelen

Volgende artikelen