Art. 1 Verdrag betreffende bewijzen van bekwaamheid als volmatroos

Verdrag betreffende bewijzen van bekwaamheid als volmatroos

Een persoon zal aan boord van een schip slechts dan als volmatroos in dienst genomen mogen worden, indien hij krachtens de nationale wetgeving bevoegd beschouwd wordt om elke taak te vervullen, waarvan de uitvoering geëist kan worden van een lid van de bemanning, gebezigd in de dekdienst (anders dan een officier, of een leidinggevende of een gespecialiseerde zeeman), en indien hij in het bezit is van een bewijs van bekwaamheid als volmatroos, afgegeven overeenkomstig de bepalingen van de volgende artikelen.

Volgende artikelen