Art. 3 Schikking van Madrid betreffende de internationale inschrijving van merken van 14 april 1891, zoals herzien te Brussel op 14 december 1900, te Washington op 2 juni 1911, te 's-Gravenhage op 6 november 1925, te Londen op 2 juni 1934, te Nice op 15 juni 1957 en te Stockholm op 14 juli 1967 en zoals gewijzigd te Genève op 28 september 1979, Vertegenwoordiging bij het Internationale Bureau

Schikking van Madrid betreffende de internationale inschrijving van merken van 14 april 1891, zoals herzien te Brussel op 14 december 1900, te Washington op 2 juni 1911, te 's-Gravenhage op 6 november 1925, te Londen op 2 juni 1934, te Nice op 15 juni 1957 en te Stockholm op 14 juli 1967 en zoals gewijzigd te Genève op 28 september 1979

1. [Gemachtigde, aantal gemachtigden]

a. De aanvrager of rechthebbende kan een gemachtigde aanwijzen voor het Internationale Bureau.

b. De aanvrager of rechthebbende mag slechts één gemachtigde hebben. Indien in de akte van benoeming meer dan één gemachtigde wordt aangewezen, wordt alleen de eerstgenoemde als gemachtigde beschouwd en als zodanig geregistreerd.

c Wanneer een advocatenkantoor of een octrooi- of merkengemachtigdenkantoor bij het Internationale Bureau als gemachtigde is aangemeld, wordt dit als één gemachtigde beschouwd.

2. [Aanwijzing van de gemachtigde]

a. De aanwijzing van een gemachtigde kan geschieden in de internationale aanvrage of door de nieuwe rechthebbende van de internationale inschrijving in een verzoek ingevolge regel 25, eerste lid, letter a, punt i, waarin de naam en het adres, aangegeven in overeenstemming met de administratieve instructies, en het e-mailadres van de gemachtigde worden vermeld.

b. De aanwijzing van een gemachtigde kan ook geschieden in een afzonderlijke kennisgeving, op voorwaarde dat dit gebeurt op het relevante officiële formulier, en die betrekking kan hebben op een of meer gespecificeerde internationale aanvragen of een of meer gespecificeerde internationale inschrijvingen van dezelfde aanvrager of rechthebbende. Deze kennisgeving dient aan het Internationale Bureau te worden overlegd

i. door de aanvrager, rechthebbende of aangewezen gemachtigde, of

ii. door de Administratie van de overeenkomstsluitende Partij van de rechthebbende. De kennisgeving dient te worden ondertekend door de aanvrager of de rechthebbende, of door de Administratie waardoor deze is ingediend.

3. [Onregelmatigheid in de aanwijzing]

a. Wanneer het Internationale Bureau van oordeel is dat de aanwijzing van een gemachtigde ingevolge het tweede lid onregelmatig is, stelt het de aanvrager of rechthebbende, de veronderstelde gemachtigde en, indien het een Administratie was die de aanwijzing heeft toegezonden of doorgezonden, die Administratie daarvan in kennis.

b. Zolang niet wordt voldaan aan de geldende eisen volgens het tweede lid, zendt het Internationale Bureau alle relevante kennisgevingen aan de aanvrager of rechthebbende, maar niet aan de veronderstelde gemachtigde.

4. [Inschrijving en kennisgeving van de aanwijzing van een gemachtigde; ingangsdatum van de aanwijzing van een gemachtigde]

a. Indien het Internationaal Bureau vaststelt dat de aanwijzing van een gemachtigde aan de toepasselijke voorwaarden voldoet, schrijft hij in het internationale register in dat de aanvrager of de rechthebbende een gemachtigde heeft, tezamen met de naam, het adres en het e-mailadres van de gemachtigde. In dit geval is de ingangsdatum van de aanwijzing de datum waarop het Internationale Bureau de internationale aanvrage, het verzoek of de afzonderlijke mededeling waarin de gemachtigde wordt aangewezen, heeft ontvangen.

b. Het Internationale Bureau doet kennisgeving van de letter a bedoelde inschrijving zowel aan de aanvrager of rechthebbende en, in het laatste geval, aan de Administraties van de aangewezen overeenkomstsluitende Partijen, als aan de gemachtigde. Wanneer de aanwijzing van een gemachtigde is geschied in een afzonderlijke kennisgeving die via een Administratie wordt ingediend, stelt het Internationale Bureau ook die Administratie in kennis van de inschrijving.

5. [Gevolgen van de aanwijzing van een gemachtigde]

a. Tenzij in dit Reglement uitdrukkelijk anders is bepaald, vervangt de handtekening van een krachtens het vierde lid, letter a, geregistreerde gemachtigde de handtekening van de aanvrager of de rechthebbende.

b. Tenzij dit Reglement uitdrukkelijk voorschrijft dat een uitnodiging, kennisgeving of andere communicatie zowel aan de aanvrager of rechthebbende als aan de gemachtigde moet worden gericht, richt het Internationale Bureau aan de krachtens het vierde lid, letter a, ingeschreven gemachtigde elke uitnodiging, kennisgeving of andere mededeling die, bij afwezigheid van een gemachtigde, aan de aanvrager of rechthebbende had moeten worden gericht; elke uitnodiging, kennisgeving of andere mededeling die aldus aan genoemde gemachtigde wordt gericht, heeft hetzelfde gevolg als wanneer deze aan de aanvrager of rechthebbende zou zijn gericht.

c. Elke kennisgeving die aan het Internationale Bureau wordt gericht door de krachtens het vierde lid, letter a, geregistreerde gemachtigde heeft hetzelfde gevolg als wanneer zij door de aanvrager of rechthebbende aan haar zou zijn gericht

6. [Doorhaling van inschrijving; ingangsdatum van doorhaling]

a. Elke overeenkomstig het vierde lid, letter a, gemaakte inschrijving wordt doorgehaald wanneer daarom wordt verzocht door middel van een door de aanvrager, rechthebbende of gemachtigde ondertekende kennisgeving. De inschrijving wordt ambtshalve doorgehaald door het Internationale Bureau wanneer een nieuwe gemachtigde wordt aangewezen of, wanneer een wijziging in de rechthebbende wordt ingeschreven, wanneer de nieuwe rechthebbende van de internationale inschrijving geen gemachtigde aanwijst.

b. Onverminderd het bepaalde onder letter c, wordt de doorhaling van kracht op de datum waarop het Internationale Bureau de desbetreffende kennisgeving ontvangt.

c. Wanneer de gemachtigde om doorhaling verzoekt, wordt deze doorhaling van kracht op de eerste van de volgende data: Tot de datum waarop de doorhaling van kracht wordt, zendt het Internationale Bureau alle in het vijfde lid, letter b, bedoelde kennisgevingen toe aan zowel de aanvrager of rechthebbende als de gemachtigde.

i. de datum waarop het Internationale Bureau een kennisgeving tot aanwijzing van een nieuwe gemachtigde ontvangt;

ii. de datum waarop twee maanden zijn verstreken na de ontvangst van de kennisgeving waarmee de gemachtigde om de doorhaling van de inschrijving verzoekt.

d. Bij ontvangst van een door de gemachtigde ingediend verzoek tot doorhaling stelt het Internationale Bureau de aanvrager of rechthebbende hiervan in kennis.

e. Zodra de datum van ingang van de doorhaling bekend is, stelt het Internationale Bureau de gemachtigde wiens inschrijving is doorgehaald, de aanvrager of de rechthebbende en, indien de aanwijzing van de gemachtigde door tussenkomst van een Administratie is geschied, die Administratie in kennis van de doorhaling en van de datum waarop deze van kracht wordt.

f. Doorhalingen op verzoek van de rechthebbende of de gemachtigde van de rechthebbende worden ook ter kennis gebracht van de Administraties van de aangewezen overeenkomstsluitende Partijen.

Verwijst naar

Artikelen die hiernaar verwijzen

Vorige artikelen

Volgende artikelen