Art. 15 Aanvullend Protocol bij de Verdragen van Genève van 12 augustus 1949, betreffende de bescherming van de slachtoffers van internationale gewapende conflicten (Protocol I), Internationaal kenteken

Aanvullend Protocol bij de Verdragen van Genève van 12 augustus 1949, betreffende de bescherming van de slachtoffers van internationale gewapende conflicten (Protocol I)

1. Het in artikel 66, vierde lid, van het Protocol voorziene internationale kenteken van de civiele bescherming is een gelijkzijdige blauwe driehoek op een oranje veld. Het is afgebeeld op figuur 4: Figuur 4 - Blauwe driehoek op een oranje veld

2. Het verdient aanbeveling dat:

(a) indien de blauwe driehoek zich op een veld of een arm- of rugband bevindt, het oranje veld wordt gevormd door de vlag of de arm- of rugband;

(b) één van de drie hoeken van de driehoek verticaal naar boven wijst;

(c) geen van de hoeken van de driehoek de rand van het oranje veld raakt.

3. Het internationale kenteken dient zo groot te zijn als onder de desbetreffende omstandigheden wenselijk is. Het kenteken dient zoveel mogelijk te worden aangebracht op platte oppervlakken of op vlaggen, die vanuit zoveel mogelijk richtingen en vanaf een zo groot mogelijke afstand zichtbaar zijn. Met inachtneming van de instructies van de bevoegde autoriteit dient het personeel voor de civiele bescherming zoveel als mogelijk is hoofddeksels en kleding te dragen, waarop het internationale kenteken is aangebracht. Des nachts of bij beperkt zicht kan het kenteken worden verlicht of belicht; het kan ook van materialen worden gemaakt die het herkenbaar maken door middel van technische detectiemiddelen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen