Art. 8 Europees Verdrag betreffende de niet-toepasselijkheid van verjaring terzake van misdrijven tegen de menselijkheid en oorlogsmisdrijven

Europees Verdrag betreffende de niet-toepasselijkheid van verjaring terzake van misdrijven tegen de menselijkheid en oorlogsmisdrijven

De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa geeft aan de Lid-Staten van de Raad en aan iedere Staat die is toegetreden tot dit Verdrag kennis van:

(a) ondertekeningen;

(b) nederlegging van akten van bekrachtiging, aanvaarding of toetreding;

(c) data van inwerkingtreding van dit Verdrag overeenkomstig artikel 3;

(d) verklaringen ontvangen krachtens het bepaalde in artikel 5 of 6;

(e) kennisgevingen ontvangen ingevolge het bepaalde in artikel 7 en de datum waarop de opzegging van kracht wordt.

Vorige artikelen