Art. 7 LLMC 1976, De grens voor vorderingen van passagiers

Verdrag inzake beperking van aansprakelijkheid voor maritieme vorderingen, 1976 (LLMC 1976)

1. Met betrekking tot vorderingen die voortkomen uit eenzelfde gebeurtenis ter zake van dood of letsel van passagiers van een schip, beloopt de aansprakelijkheidsgrens van de scheepseigenaar een bedrag van 175.000 rekeneenheden, vermenigvuldigd met het aantal passagiers dat het schip gerechtigd is te vervoeren volgens zijn veiligheidscertificaat.

2. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder „vorderingen ter zake van dood of letsel van passagiers van een schip” verstaan alle vorderingen uit dien hoofde ingesteld door of namens een aan boord van dat schip vervoerde persoon:

a. krachtens een overeenkomst tot het vervoer van passagiers, of

b. die, met toestemming van de vervoerder, een voertuig of levende dieren begeleidt, waaromtrent een overeenkomst van goederenvervoer is gesloten.

Vorige artikelen

Volgende artikelen