Art. 17 VN Zeerechtverdrag, Nationaliteit van de leden
Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee (VN Zeerechtverdrag)
1. De leden van het Hof met de nationaliteit van een partij bij een geschil behouden het recht aan de zaak deel te nemen.
2. Indien in het Hof bij de behandeling van een geschil een lid zitting heeft met de nationaliteit van een van de partijen, kan iedere andere partij een persoon uitkiezen om eraan deel te nemen als lid van het Hof.
3. Indien in het Hof bij de behandeling van een geschil geen lid zitting heeft met de nationaliteit van de partijen, kan ieder van die partijen een persoon uitkiezen om eraan deel te nemen als lid van het Hof.
4. Dit artikel is van toepassing op de kamers, genoemd in de artikelen 14 en 15 van deze Bijlage. In dergelijke gevallen verzoekt de Voorzitter in overleg met de partijen zoveel leden van het Hof die de kamer vormen als nodig is, hun plaats af te staan aan de leden van het Hof met de nationaliteit van de betrokken partijen en bij gebreke van deze of in geval van verhindering aan de speciaal door de partijen gekozen leden.
5. Wanneer verschillende partijen gemeenschappelijk optreden, gelden zij voor de toepassing van de voorafgaande bepalingen slechts als een enkele. In geval van twijfel beslist het Hof.
6. De leden, gekozen overeenkomstig het tweede, derde en vierde lid, moeten voldoen aan de voorwaarden van de artikelen 2, 8 en 11 van deze Bijlage. Zij nemen deel aan de beslissing op voet van volkomen gelijkheid met hun ambtgenoten.