Art. 31 Verdrag van de Raad van Europa inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven en de financiering van terrorisme, Betekening van stukken

Verdrag van de Raad van Europa inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven en de financiering van terrorisme

1. De Partijen verlenen elkaar in zo ruim mogelijke mate wederzijdse rechtshulp bij het betekenen van gerechtelijke stukken aan personen die worden getroffen door voorlopige maatregelen en confiscatie.

2. Geen enkele bepaling in dit artikel staat de mogelijkheid in de weg: tenzij de Partij van bestemming op het tijdstip van ondertekening of bij de nederlegging van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding een andersluidende verklaring richt aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.

a. dat gerechtelijke stukken rechtstreeks per post worden toegezonden aan personen in het buitenland;

b. dat deurwaarders, ambtenaren of andere bevoegde autoriteiten van de Partij van herkomst van gerechtelijke stukken rechtstreeks door de consulaire autoriteiten van die Partij of door de deurwaarders, ambtenaren of andere bevoegde autoriteiten van de Partij van bestemming, betekening of kennisgeving doen verrichten,

3. Bij de betekening van gerechtelijke documenten in het buitenland aan personen die worden getroffen door voorlopige maatregelen of beslissingen tot confiscatie die zijn genomen in de verzendende Partij, stelt deze Partij die personen in kennis van de rechtsmiddelen die krachtens haar wetgeving openstaan.

Vorige artikelen

Volgende artikelen