Art. 19 Burgerrechtelijk Verdrag inzake Corruptie, Verhouding tot andere instrumenten en overeenkomsten

Burgerrechtelijk Verdrag inzake Corruptie

1. Dit Verdrag laat onverlet de rechten en verplichtingen voortvloeiend uit internationale multilaterale instrumenten inzake specifieke aangelegenheden.

2. De Partijen bij het Verdrag kunnen onderling bilaterale of multilaterale overeenkomsten sluiten inzake de aangelegenheden die in dit Verdrag worden geregeld teneinde de bepalingen daarvan aan te vullen of te versterken of de toepassing van de daarin neergelegde beginselen te vergemakkelijken of, onverminderd de doelstellingen of beginselen van dit Verdrag, zich onderwerpen aan regels dienaangaande in het kader van een bijzonder systeem dat bindend is op het tijdstip waarop dit Verdrag voor ondertekening wordt opengesteld.

3. Indien twee of meer Partijen reeds een overeenkomst of verdrag hebben gesloten met betrekking tot een onderwerp dat door dit Verdrag wordt bestreken of hun betrekkingen wat betreft dat onderwerp anderszins hebben geregeld, hebben zij de bevoegdheid die overeenkomst of dat verdrag toe te passen of hun betrekkingen dienovereenkomstig te regelen, in plaats van dit Verdrag.

Vorige artikelen

Volgende artikelen