Art. 13 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging, DE VERHOUDING TOT DE DERDE
Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
Voor de toepassing van artikel 11, tweede lid, wordt de vertegenwoordiger, wanneer hij vanuit de ene Staat met de derde in een andere Staat in verbinding heeft gestaan per post, telegram, telex, telefoon of enig ander dergelijk middel, geacht daar te hebben gehandeld waar zijn kantoor of, bij gebreke daarvan, zijn gewone verblijfplaats is.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
Vorige artikelen
- Artikel 8 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 9 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 10 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 11 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 12 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
Volgende artikelen
- Artikel 14 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 15 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 16 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 17 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 18 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging