Art. 39 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen, SLOTBEPALINGEN
Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
Iedere Staat kan op het tijdstip van ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding verklaren dat het Verdrag zich zal uitstrekken tot het geheel van de gebieden voor welker internationale betrekkingen hij verantwoordelijk is, of tot één of meer van die gebieden. Deze verklaring wordt van kracht op het tijdstip waarop het Verdrag voor die Staat in werking treedt.
Deze verklaring, alsmede iedere latere uitbreiding, wordt ter kennis gebracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden.
Vorige artikelen
- Artikel 34 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 35 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 36 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 37 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 38 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
Volgende artikelen
- Artikel 40 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 41 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 42 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 43 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 44 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen