Art. 39 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen, SLOTBEPALINGEN

Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen

Iedere Staat kan op het tijdstip van ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding verklaren dat het Verdrag zich zal uitstrekken tot het geheel van de gebieden voor welker internationale betrekkingen hij verantwoordelijk is, of tot één of meer van die gebieden. Deze verklaring wordt van kracht op het tijdstip waarop het Verdrag voor die Staat in werking treedt.

Deze verklaring, alsmede iedere latere uitbreiding, wordt ter kennis gebracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden.

Vorige artikelen

Volgende artikelen