Art. 40 Statuut van de Internationale Arbeidsorganisatie, Diverse bepalingen

Statuut van de Internationale Arbeidsorganisatie

1. De Internationale Arbeidsorganisatie geniet op het gebied van ieder Lid de voorrechten en immuniteiten die nodig zijn voor het verwezenlijken van haar doeleinden.

2. De afgevaardigden ter Conferentie, de Leden van de Raad van Beheer en de Directeur-Generaal alsmede de functionarissen van het Bureau genieten eveneens de voorrechten en immuniteiten die nodig zijn voor de onafhankelijke uitoefening van hun werkzaamheden in verband met de Organisatie.

3. Deze voorrechten en immuniteiten worden omschreven in een afzonderlijke regeling die door de Organisatie wordt opgesteld en door de Lid-Staten moet worden aanvaard.

Vorige artikelen