Art. 21 Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie, Omkoping in de particuliere sector

Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie

Elke Staat die partij is, overweegt de wettelijke en andere maatregelen te nemen die nodig kunnen zijn om de volgende handelingen, indien zij opzettelijk zijn gepleegd in het kader van economische, financiële of commerciële activiteiten, strafbaar te stellen:

a. het, direct of indirect, beloven, aanbieden of geven van elk onverschuldigd voordeel aan een persoon die leiding geeft aan of werkt bij, in welke hoedanigheid dan ook, een entiteit uit de particuliere sector, voor die persoon zelf of voor een andere persoon, opdat hij of zij in strijd met zijn of haar plichten een handeling verricht of nalaat;

b. het, direct of indirect, verzoeken om of aanvaarden van elk onverschuldigd voordeel door een persoon die leiding geeft aan of werkt bij, in welke hoedanigheid dan ook, een entiteit uit de particuliere sector, voor die persoon zelf of voor een andere persoon, opdat hij of zij in strijd met zijn of haar plichten een handeling verricht of nalaat.

Vorige artikelen

Volgende artikelen