Art. 13 Protocol inzake de voorkoming, bestrijding en bestraffing van mensenhandel, in het bijzonder vrouwenhandel en kinderhandel, tot aanvulling van het Verdrag van de Verenigde Naties tegen grensoverschrijdende georganiseerde misdaad, Rechtmatigheid en rechtsgeldigheid van documenten

Protocol inzake de voorkoming, bestrijding en bestraffing van mensenhandel, in het bijzonder vrouwenhandel en kinderhandel, tot aanvulling van het Verdrag van de Verenigde Naties tegen grensoverschrijdende georganiseerde misdaad

Op verzoek van een andere Staat die partij is, verifieert een Staat die partij is, in overeenstemming met zijn nationale recht, binnen een redelijke termijn de rechtmatigheid en rechtsgeldigheid van reis- of identiteitsdocumenten die namens hem zijn afgegeven of beschouwd worden als zijnde door hem afgegeven en ten aanzien waarvan de verdenking bestaat dat zij zijn gebruikt voor mensenhandel.

Vorige artikelen

Volgende artikelen