Art. 10 Europees Verdrag inzake cinematografische coproduktie, Algemeen evenwicht

Europees Verdrag inzake cinematografische coproduktie

1. Er moet een algemeen evenwicht in stand worden gehouden in de cinematografische betrekkingen tussen de Partijen, zowel wat betreft het totaal geïnvesteerde bedrag, als wat betreft de artistieke en technische deelneming aan cinematografische coprodukties.

2. Een Partij die na een redelijke periode vaststelt dat er sprake is van een onevenwichtigheid in haar betrekkingen op het gebied van coprodukties met één of meer Partijen kan, met het oog op de instandhouding van haar culturele identiteit, weigeren haar goedkeuring te verlenen aan een volgende coproduktie totdat het evenwicht in de cinematografische betrekkingen met die Partij (en) is hersteld.

Vorige artikelen

Volgende artikelen