Art. 2 Verdrag inzake het Energiehandvest, Ten aanzien van artikel 1, vijfde lid

Verdrag inzake het Energiehandvest

a. Overeengekomen wordt dat dit Verdrag geen rechten verleent op andere economische activiteiten dan economische activiteiten in de energiesector.

b. De volgende activiteiten zijn illustratief voor de economische activiteit in de energiesector:

i. prospectie en exploratie alsmede winning van bij voorbeeld olie, gas, kolen en uranium;

ii. constructie en exploitatie van installaties voor de opwekking van elektrische energie, met inbegrip van die welke worden aangedreven door wind en andere hernieuwbare energiebronnen;

iii. transport over land, distributie, opslag van en bevoorrading met energiegrondstoffen en energieprodukten, bij voorbeeld via transmissie- en distributienetten en pijpleidingen of speciaal aangelegde spoorlijnen, alsmede de bouw van daarvoor bestemde installaties, met inbegrip van de aanleg van pijpleidingen voor olie, gas en kolenslik;

iv. verwijdering van afval uit installaties voor de opwekking van energie zoals elektrische centrales, met inbegrip van radio-actief afval uit kerncentrales;

v. de ontmanteling van installaties voor de opwekking van energie, met inbegrip van olieplatforms, olieraffinaderijen en elektrische centrales;

vi. de marketing en verkoop van en handel in energiegrondstoffen en energieprodukten, zoals de detailverkoop van benzine; en

vii. activiteiten op het gebied van de research, consulting, planning, management en het ontwerpen in verband met de bovengenoemde activiteiten, met inbegrip van die welke erop gericht zijn om een efficiënt gebruik van energie te bevorderen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen