Art. 29 Europees Verdrag aangaande de wederzijdse rechtshulp in strafzaken, Slotbepalingen
Europees Verdrag aangaande de wederzijdse rechtshulp in strafzaken
Iedere Verdragsluitende Partij kan dit Verdrag wat haar betreft opzeggen door een daartoe strekkende kennisgeving, te richten tot de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa. De opzegging treedt in werking zes maanden na de datum waarop de kennisgeving door de Secretaris-Generaal van de Raad is ontvangen.
Vorige artikelen
- Artikel 24 Europees Verdrag aangaande de wederzijdse rechtshulp in strafzaken
- Artikel 25 Europees Verdrag aangaande de wederzijdse rechtshulp in strafzaken
- Artikel 26 Europees Verdrag aangaande de wederzijdse rechtshulp in strafzaken
- Artikel 27 Europees Verdrag aangaande de wederzijdse rechtshulp in strafzaken
- Artikel 28 Europees Verdrag aangaande de wederzijdse rechtshulp in strafzaken