Art. 38 EVRM, – Behandeling van de zaak
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM)
Het Hof behandelt de zaak tezamen met de vertegenwoordigers van de partijen en verricht, indien nodig, nader onderzoek, voor de goede voortgang waarvan de betrokken Hoge Verdragsluitende Partijen alle noodzakelijke faciliteiten leveren.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- EHRM 24 maart 2011, ECLI:CE:ECHR:2011:0324JUD002345802
- EHRM 12 februari 2009, ECLI:CE:ECHR:2009:0212JUD000251204
- EHRM 28 maart 2000, ECLI:CE:ECHR:2000:0328JUD002249293
- EHRM 15 november 1996, ECLI:CE:ECHR:1996:1115JUD002241493
- EHRM 8 januari 2013, ECLI:CE:ECHR:2013:0108JUD004023802
- EHRM 1 december 2020, ECLI:CE:ECHR:2020:1201JUD000008805
- EHRM 26 mei 2020, ECLI:CE:ECHR:2020:0526JUD001724713
- EHRM 4 december 2012, ECLI:CE:ECHR:2012:1204JUD004145207
- EHRM 18 december 1996, ECLI:CE:ECHR:1996:1218JUD001531889
- Conclusie A-G Huydecoper 9 december 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AU5233
- EHRM 27 maart 2008, ECLI:CE:ECHR:2008:0327DEC002724803
- EHRM 27 maart 2008, ECLI:CE:ECHR:2008:0327DEC002181003
- EHRM 6 mei 2003, ECLI:CE:ECHR:2003:0506JUD006716501
- EHRM 6 mei 2003, ECLI:CE:ECHR:2003:0506JUD004378698
- EHRM 6 mei 2003, ECLI:CE:ECHR:2003:0506JUD004205998
- EHRM 5 juni 2001, ECLI:CE:ECHR:2001:0605JUD003325896
- EHRM 20 maart 2001, ECLI:CE:ECHR:2001:0320JUD003172596
- EHRM 4 juli 2000, ECLI:CE:ECHR:2000:0704JUD003498697