Art. 3:5 URAMAR, Maximale vergoeding individuele opleidingsaanspraak militair

Uitvoeringsregeling AMAR (URAMAR)

1. De kosten, bedoeld in artikel 16bis, tweede lid, van het AMAR, worden vergoed:

a. tot ten hoogste € 1.200,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel vanaf het moment van het einde van de dienverplichting tot twee jaar duurt;

b. tot ten hoogste € 2.400,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel vanaf het moment van het einde van de dienverplichting twee tot vier jaar duurt;

c. tot ten hoogste € 3.600,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel vanaf het moment van het einde van de dienverplichting vier tot zes jaar duurt;

d. tot ten hoogste € 5.400,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel vanaf het moment van het einde van de dienverplichting zes tot acht jaar duurt;

e. tot ten hoogste € 7.200,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel vanaf het moment van het einde van de dienverplichting langer dan acht jaar duurt;

f. voor de militair aangesteld bij het beroepspersoneel zonder dienverplichting:

1° tot ten hoogste € 1.200,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel vier tot zes jaar duurt;

2° tot ten hoogste € 2.400,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel zes tot acht jaar duurt;

3° tot ten hoogste € 3.600,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel acht tot tien jaar duurt;

4° tot ten hoogste € 5.400,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel tien tot twaalf jaar duurt;

5° tot ten hoogste € 7.200,– wanneer de aanstelling bij het beroepspersoneel langer dan twaalf jaar duurt.

2. In aanvulling op de vergoeding van de opleidingskosten, bedoeld in het eerste lid, wordt een extra vergoeding toegekend:

a. tot ten hoogste € 600,– indien de militair een uitzendverleden heeft van maximaal een half jaar;

b. tot ten hoogste € 1.200,– indien de militair een uitzendverleden heeft van een half jaar of meer maar minder dan een jaar;

c. tot ten hoogste € 1.800,– indien de militair een uitzendverleden heeft van een jaar of meer maar minder dan twee jaar;

d. tot ten hoogste € 2.400,– indien de militair een uitzendverleden heeft van twee jaar of meer.