Art. 15.5 Toezichtbeleid Erkenninghouders, Keurmeesters en Technici RDW, Toezicht

Toezichtbeleid Erkenninghouders, Keurmeesters en Technici RDW

1. Tijdens de controle moet u van alle voertuigen die tot uw bedrijfsvoorraad behoren, de relevante administratie (zoals in- en verkoopfacturen en de bijbehorende financiële administratie) en alle overige gevraagde informatie en inlichtingen ter beschikking stellen aan de Toezichthouder Bedrijven.

2. Tijdens de controle toont u alle door de Toezichthouder Bedrijven gevraagde voertuigen. Staat een voertuig niet op uw bezoekadres dan geeft u op verzoek direct aan waar het voertuig zich bevindt.

3. Tijdens de controle stelt u de Toezichthouder Bedrijven in staat om de tellerstand en het VIN van het voertuig te onderzoeken. U zorgt ervoor dat de sleutels van het voertuig beschikbaar zijn en de accu van het voertuig is opgeladen.

4. U bent ervoor verantwoordelijk dat de Toezichthouder Bedrijven ook de voertuigen kan controleren die op een stallingslocatie staan. U verleent daartoe toegang tot de locatie en de voertuigen. Dit houdt tevens in dat de Toezichthouder Bedrijven de tellerstand en het VIN van het voertuig kan controleren.