Bijlage 2 Beleidsregels indicatiestelling Wlz 2026: specifieke criteria voor het bepalen van het passende zorgprofiel

Beleidsregels indicatiestelling Wlz 2026

Deze bijlage bevat een verduidelijking van de indicatiecriteria voor een aantal zorgprofielen. Bij een aanvraag voor zorgprofiel ‘beschermd wonen met zeer intensieve zorg, vanwege specifieke aandoeningen, met de nadruk op begeleiding’ is inzicht nodig in het gevolgde behandelbeleid van de ernstige gedragsproblemen. Het gaat om mensen met bijvoorbeeld een ernstige mate van dementie, syndroom van Korsakov, ernstig en blijvend niet aangeboren hersenletsel, ouderen met complexe lichamelijke problematiek in combinatie met actieve psychiatrie en ouderen met doofblindheid op latere leeftijd in combinatie met ernstige gedragsproblemen. Hierbij valt te denken aan onder andere agitatie, agressie, claimend gedrag, ontremming, zwerfgedrag, extreem teruggetrokken gedrag en apathie. Bij personen met psychogeriatrische problematiek beoordelen we aan de hand van de actuele medische informatie en een behandelplan opgesteld door een ter zake kundig behandelaar44Specialist ouderengeneeskunde, GZ-psycholoog, orthopedagoog-generalist, geriater, psychiater, verpleegkundig specialist, physician assistant.: De richtlijn “Probleemgedrag bij mensen met dementie” van Verenso (2018)45Verenso, Richtlijn Probleemgedrag bij mensen met dementie (2018) of de “Richtlijn behandeling van neuropsychiatrische gevolgen bij niet-aangeboren hersenletsel”46Nederlandse Vereniging van Revalidatieartsen, Neuropsychiatrische gevolgen na NAH bij volwassenen kunnen hierbij een goed referentiekader zijn. Pas daarna kunnen we beoordelen of dit het bij deze persoon best passende zorgprofiel is. Bij personen met gerontopsychiatrische, neuropsychiatrische of aanverwante aandoeningen kunnen de gedragsproblemen inherent zijn aan de onderliggende ziekte/aandoening47Voorbeelden (niet limitatief) syndroom van Korsakov, fronto-temporale dementie (FTD) of naast de psychogeriatrie psychiatrische ziektebeelden die gepaard gaan met gedragsproblemen zoals angststoornis of borderline persoonlijkheidsstoornis et cetera. en heeft g