Bijlage 2 Regeling model huisregels AIT en EBI: model huisregels EBI
Regeling model huisregels AIT en EBI
Introductie 1 Algemene bepalingen 2 De Inrichting waar u verblijft 2.1 Uw afdeling 2.2 Uw verblijfsruimte 2.3 Dagindeling 2.4 Screeningsprocedure persoonlijke contacten 2.5 Tijdelijke verruiming van contactmomenten 3 Programmaonderdelen 3.1 Luchten 3.2 Arbeid 3.3 Lichamelijke oefening en sport 3.4 Onderwijs en vorming 3.5 Recreatie 3.6 Bibliotheek 3.7 Winkel 3.8 Bezoek 3.8.1 Persoonlijk bezoek 3.8.2 Geprivilegieerd bezoek 3.8.3 Consulair bezoek 3.8.4 Presentatie ambassade/consulaat 3.9 Telefoneren 3.9.1 Telefoneren met persoonlijke relaties 3.9.2 Telefoneren met geprivilegieerde contacten 4 Verzorging 4.1 Geestelijke verzorging 4.2 Medische verzorging 4.3 Sociale verzorging en hulpverlening in de inrichting 4.3.1 Aansluiting nazorg 4.3.2 Psycholoog 4.3.3 Fasering en vrijhedenbeleid 4.3.3.1 Selectie en overplaatsing 4.3.3.2 Tijdelijk verlaten van de inrichting 4.3.4 Ontspanningskas 4.4 Persoonlijke verzorging 4.5 Materiële verzorging 4.5.1 Voorwerpen in de inrichting 4.5.2 Geld 4.5.3 Postzaken en correspondentie 4.5.4 Boeken, kranten en tijdschriften 5 Gedetineerdencommissie 6 Controle en geweldgebruik 6.1 Identificatie 6.2 Onderzoek verblijfsruimte 6.3 Urinecontrole 6.4 Onderzoek aan kleding of lichaam 6.5 Onderzoek in het lichaam 6.6 Onvrijwillige geneeskundige behandeling 6.7 Mechanische middelen 6.8 Geweld en vrijheidsbeperkende middelen 6.9 DNA-onderzoek 7 Ordemaatregelen 7.1 Algemeen 7.2 Uitsluiten van deelname aan een of meer activiteiten 7.3 Afzondering 8 Disciplinaire straffen 8.1 Algemeen 8.2 Straffen die kunnen worden opgelegd 8.3 Voorwaardelijke straf 9 Schadeclaims 9.1 Schadeverhaal op gedetineerde 9.1.1 Schade aan rijkseigendommen 9.1.2 Kosten door lichamelijk letsel 9.2 Aansprakelijkheid inrichting 10 Instanties 10.1 Commissie van Toezicht 10.2 Beklagcommissie 10.3 Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) 10.4 Juridisch advies voor gedetineerden 11 Verzoek- en bezwaarschriftprocedure 11.1 Verzoekschrift 11.2 Bezwaarschrift 12 Bemiddeli
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 5, art. 40d, art. 40e en art. 50 tot en met art 55
- – Wetboek van Strafvordering; art. 62a en 76
- – Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding; art. 1, eerste lid
- – Penitentiaire maatregel; art. 3
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 21, art. 22 en art. 34a
- – Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden; art. 26, derde lid
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 21 en art. 22
- – Penitentiaire maatregel; art. 3
- – persoonlijk bezoek ontvangen, zie paragraaf 3.8.1;
- – telefoneren met persoonlijke relaties, zie paragraaf 3.9; en
- – geld ontvangen van en overmaken naar persoonlijke relaties, zie paragraaf 4.5.2.
- a. de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting of een ongestoorde tenuitvoerlegging van uw vrijheidsbeneming;
- b. de bescherming van de openbare orde en nationale veiligheid;
- c. de voorkoming of opsporing van strafbare feiten;
- d. de bescherming van slachtoffers van of anderszins betrokkenen bij misdrijven.
- – Penitentiaire beginselenwet: art. 38, derde lid, en art. 39, derde lid
- – Regeling toelating en weigering bezoek en beperking telefooncontacten penitentiaire inrichtingen: art. 6
- a. geboorte van uw kind; of
- b. aanstaand of daadwerkelijk overlijden van uw levenspartner, een kind, ouder, schoonouder, broer of zuster; of
- c. een andere onvoorziene klemmende reden gelegen in uw persoonlijke sfeer.
- – de beweerde band bestaat (bijvoorbeeld door overlegging van een uittreksel uit de Basisregistratie Personen, een huwelijksakte/akte van partnerregistratie of
- – bij zwangerschap/geboorte – een bewijs van erkenning van een ongeboren vrucht);
- – de relatie hecht is (bijvoorbeeld door overlegging van stukken waaruit blijkt dat die persoon regelmatig bij u op bezoek komt of veelvuldig met u belt, of stukken waaruit blijkt dat de persoon en u voorafgaand aan detentie langdurig op hetzelfde adres stonden ingeschreven);
- – de persoon waarmee extra contact wordt toegestaan daartegen geen bezwaar heeft, en
- – uit onderzoek van de directeur is gebleken dat geen bezwaar bestaat tegen contact tussen de gedetineerde en die persoon (die persoon moet positief zijn gescreend).
- – één uur extra ontvangst van bezoek in één week en/of
- – het voeren van één extra telefoongesprek van maximaal tien minuten in één week en/of
- – één extra minderjarige dan wel meerderjarige bezoeker tijdens het wekelijkse bezoekmoment op grond van de wet.
- – Regeling toelating en weigering bezoek en beperking telefooncontacten penitentiaire inrichtingen; art. 6c en art. 6d.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 24, tweede lid, art. 49 en art. 55, eerste lid
- – Geweldsinstructie penitentiaire inrichtingen; art. 10
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 29 en art. 47
- – Algemene Termijnenwet; art. 3
- – Regeling arbeid gedetineerden
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 48, tweede lid
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 48, eerste en vierde lid
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 49, eerste en tweede lid
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 48, eerste lid
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 44, vijfde lid
- a. kinderen onder de 14 jaar door één volwassen bezoeker worden begeleid;
- b. iedere bezoeker zich bij binnenkomst op deugdelijke wijze dient te legitimeren.
- – de bezoeker onderwerpt zich voorafgaande aan het bezoek aan een onderzoek aan de kleding;
- – fysiek contact tussen u en uw bezoek is verboden, behoudens het geven van een hand bij binnenkomst en bij vertrek;
- – u verwisselt voorafgaand en na afloop van het bezoek van kleding;
- – u onderwerpt zich voorafgaande en na afloop van het bezoek aan een onderzoek aan uw kleding en lichaam;
- – u kunt geen bezoek zonder toezicht ontvangen.
- – een trouwboekje, waaruit duidelijk wordt dat beide partners getrouwd zijn met elkaar;
- – een bewijs van geregistreerd partnerschap;
- – een notariële samenlevingsakte;
- – een verklaring van de afdeling bevolking van de gemeente, dat men op hetzelfde adres woonachtig is;
- – een bewijs waaruit blijkt dat u beide bent ingeschreven als samenwonende en dat u in belastingtechnische zin een gezamenlijk inkomen heeft.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 29, art. 38, art. 40b en art. 58
- – Regeling toelating en weigering bezoek en beperking telefooncontacten penitentiaire inrichtingen, art. 3, derde lid, en art. 6
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 37, art. 38, art. 40a, art. 60 tot en met art. 68 en art. 69 tot en met art. 71
- – Penitentiaire maatregel; art. 23b, art. 29, art. 31 en art. 32, eerste lid
- – Verdrag van Wenen inzake consulaire betrekkingen van 24 april 1963; art. 36
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 36, art. 38 en art. 56, derde lid
- – Regeling toelating en weigering bezoek en beperking telefooncontacten penitentiaire inrichtingen; art. 3, derde lid
- – Vreemdelingenwet 2000; art. 63, derde lid
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 39, art. 40b en art. 58
- – Penitentiaire maatregel; art. 23a
- – Regeling toelating en weigering bezoek en beperking telefooncontacten penitentiaire inrichtingen; art. 6, art. 6a en art. 6b
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 2, art. 39, art. 40a en art. 40d
- – Penitentiaire maatregel; art. 23b, art. 29 en art. 31
- – Regeling toelating en weigering bezoek en beperking telefooncontacten penitentiaire inrichtingen, art. 6b
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 5, art. 36, vierde lid en art. 41
- – Algemene Termijnenwet; art. 3
- – Penitentiaire maatregel; art. 24 tot en met art. 27
- 1. gevaar voor uzelf, hetgeen onder meer bestaat uit:
- a. het gevaar dat u zich van het leven zult beroven of dat u zichzelf ernstig lichamelijk letsel zult toebrengen;
- b. het gevaar dat u maatschappelijk te gronde gaat;
- c. het gevaar dat u uzelf in ernstige mate zult verwaarlozen;
- d. het gevaar dat u met hinderlijk gedrag agressie van anderen zult oproepen;
- 2. gevaar voor een of meer anderen, hetgeen onder meer bestaat uit:
- a. het gevaar dat u een ander van het leven zult beroven of hem ernstig lichamelijk letsel zult toebrengen;
- b. het gevaar voor de psychische gezondheid van een ander;
- c. het gevaar dat u een ander, die aan uw zorg is toevertrouwd, zult verwaarlozen;
- 3. gevaar voor de algemene veiligheid van personen of goederen.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 42 en art. 46a tot en met art. 46c
- – Penitentiaire maatregel; art. 21 tot en met art. 23
- – een geldig identiteitsbewijs;
- – werk en inkomen;
- – huisvesting;
- – schulden;
- – zorg.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 43
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 43
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 18a, art. 18b en art. 43
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 15, art. 16, art. 17 en art. 18
- – Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden; art. 26
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 26
- – Wetboek van Strafvordering; art. 6:2:4
- – Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting; art. 16, aanhef en onder g, onder 2°
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 44
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 29, vijfde lid, art. 31, derde lid, en art. 45
- – Penitentiaire maatregel; art. 49
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 46
- – Penitentiaire beginselenwet: art. 36, art. 37, art. 40a, art. 40d en art. 58
- – Penitentiaire maatregel; art. 29, art. 30 en art. 31
- – Regeling geprivilegieerde post gedetineerden
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 48, eerste lid
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 74
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 28
- – Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 34
- – bij de beslissing tot overplaatsing;
- – bij binnenkomst in de inrichting;
- – bij het vermoeden van gebruik van gedragsbeïnvloedende middelen.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 30
- – Regeling Urinecontrole penitentiaire inrichtingen
- a. bij binnenkomst en bij het verlaten van de PI;
- b. bij plaatsing in de straf- of afzonderingscel;
- c. voorafgaand aan en na afloop van bezoek zonder glazen scheidingswand;
- d. indien dit anderszins in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid noodzakelijk is.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 27 en art. 29
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 27, art. 31, art. 57 en art. 58
- 1. de gedwongen geneeskundige handeling;
- 2. de a-dwangbehandeling;
- 3. de b-dwangbehandeling.
- – de Minister;
- – de Commissie van Toezicht en
- – de bevoegde inspecteur van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, indien de geneeskundige handeling wordt toegepast ter afwending van ernstig gevaar dat voortvloeit uit een stoornis van uw geestvermogens.
- – a-dwangbehandeling, om een langdurig verblijf in/op deze bijzondere inrichting of afdeling te voorkomen;
- – b-dwangbehandeling, om een onmiddellijk dreigend gevaar binnen de inrichting af te wenden.
- – de Minister;
- – de Commissie van Toezicht en
- – de bevoegde inspecteur van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, indien een geneeskundige handeling wordt toegepast in verband met een gevaar dat voortvloeit uit een stoornis van uw geestvermogens;
- – de aangewezen rechtsbijstandverlener;
- – de curator;
- – de mentor.
- – de Minister;
- – de Commissie van Toezicht en
- – de bevoegde inspecteur van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
- – de Commissie van Toezicht;
- – de Minister en
- – de bevoegde inspecteur van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 5, art. 14, art. 32, art. 42, art. 46a tot en met 46e, art. 57 en art. 58
- – Penitentiaire maatregel; art. 21 tot en met art. 23
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 27, art. 33, art. 57 en art. 58
- – Regeling toepassing mechanische middelen in penitentiaire inrichtingen
- a. de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting;
- b. de uitvoering van een door de directeur genomen beslissing;
- c. de voorkoming van het zich onttrekken door u aan het op u uitgeoefende toezicht;
- d. de uitvoering van een ingevolge het Wetboek van Strafvordering of de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden door de officier van justitie of de rechter-commissaris genomen beslissing, alsmede de uitvoering van artikel 258a, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering.
- a. de uitvoering van een door hem genomen beslissing;
- b. ter voorkoming van het zich onttrekken door u aan het op u uitgeoefende toezicht.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 27 en art. 35
- – Geweldsinstructie penitentiaire inrichtingen
- – een geweldsdelict;
- – een seksueel delict;
- – één of meer van de bijzondere delicten genoemd in het inwerkingtredingbesluit van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden waarop een strafdreiging van vier jaar of méér staat.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 35
- – Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden
- a. de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting;
- b. een ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 5, tweede, derde en vierde lid
- a. indien dit in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting, dan wel van een ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming noodzakelijk is;
- b. indien dit ter bescherming van u noodzakelijk is;
- c. in geval van ziekmelding of ziekte van u;
- d. indien u hierom verzoekt en de directeur dit verzoek redelijk en uitvoerbaar oordeelt.
- – een beperking op te leggen of u uit te sluiten van de mate waarin u in staat wordt gesteld individueel dan wel met andere gedetineerden aan activiteiten deel te nemen;
- – een beperking op te leggen of u uit te sluiten van deelname aan gemeenschappelijke activiteiten.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 5, art. 23, art. 40d, art. 57 en art. 58
- a. indien dit in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting, dan wel van een ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming noodzakelijk is;
- b. indien dit ter bescherming van u noodzakelijk is;
- c. in geval van ziekmelding of ziekte van u;
- d. indien u hierom verzoekt en de directeur dit verzoek redelijk en uitvoerbaar oordeelt.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 5, tweede en derde lid, art. 24, art. 24a, art. 25, art. 57 en art. 58
- – Regeling straf- en afzonderingscel penitentiaire inrichtingen
- – van elke strafoplegging, dan wel wijziging daarvan;
- – indien een straf geheel of ten dele wordt herzien.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 50 tot en met art. 55, art. 57 en art. 58
- a. opsluiting in een strafcel, dan wel een andere verblijfsruimte voor ten hoogste twee weken;
- b. ontzegging van bezoek voor ten hoogste vier weken, indien het feit plaatsvond in verband met bezoek van die persoon of personen;
- c. uitsluiting van deelname aan een of meer bepaalde activiteiten voor ten hoogste twee weken;
- d. geldboete tot een bedrag van ten hoogste tweemaal het in de inrichting of afdeling geldende weekloon.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 50 tot en met art. 55, art. 57 en art. 58
- – Regeling straf- en afzonderingscel penitentiaire inrichtingen
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 53, art. 57 en art. 58
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 51, vierde lid
- – Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering; art. 700
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 51, vierde lid
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 45
- – Penitentiaire maatregel; art. 49
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 7
- – Penitentiaire maatregel; art. 11 tot en met art. 20
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 7 en art. 60 tot en met art. 68
- – Penitentiaire maatregel; art. 11 tot en met art. 20
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 36, art. 37 en art. 69 tot en met art. 73
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 18
- a. van de selectiefunctionaris tot plaatsing in of overplaatsing naar een bepaalde inrichting of afdeling;
- b. van de Minister u geen vervangende of extra rechtsbijstandverlener aan te wijzen als bedoeld in artikel 40a van de Penitentiaire beginselenwet;
- c. van de Minister om u een bevel op te leggen als bedoel in artikel 40d van de Penitentiaire beginselenwet.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 17, art. 72 en art. 73
- – u het niet eens bent met de wijze waarop de directeur zich in een bepaalde aangelegenheid jegens u heeft gedragen;
- – u meent dat de directeur een zorgplicht jegens u niet heeft betracht;
- – u het niet eens bent met een door of namens de directeur genomen beslissing die u betreft.
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 59a
- – Penitentiaire beginselenwet; art. 60 tot en met art. 68
- a. tegen de uitspraak van de beklagcommissie;