Art. 7.1 Mandaatbesluit VRO 2025, Algemene bepalingen inzake mandaat

Mandaatbesluit VRO 2025

De uitoefening van een mandaat geschiedt met inachtneming van:

a. algemene en bijzondere aanwijzingen van de mandaatgever ten aanzien van de uitoefening van het mandaat;

b. departementale richtlijnen met betrekking tot paraaf en medeparaaf en het voorleggen en afdoen van stukken;

c. de van toepassing zijnde wet- en regelgeving en overige departementale richtlijnen, in het bijzonder de Comptabiliteitswet 2016, het Organisatiebesluit VRO 2025, het Organisatiebesluit BZK 2025, (de richtlijnen inzake) administratieve organisatiebeschrijvingen en de besturingsafspraken tussen de secretaris-generaal VRO en secretaris-generaal BZK.