Art. 5.10 Mandaatbesluit BZK 2025, Directeuren-generaal

Mandaatbesluit BZK 2025

1. Bij tijdelijke afwezigheid of verhindering van de directeur-generaal worden diens taken volledig uitgeoefend door de plaatsvervangend directeur-generaal.

2. De aanwijzing van een plaatsvervangend directeur-generaal geschiedt door de directeur-generaal met inachtneming van het Organisatiebesluit BZK 2025 en in overeenstemming met de secretaris-generaal.

3. Bij gelijktijdige tijdelijke afwezigheid of verhindering van de directeur-generaal en de plaatsvervangend directeur-generaal worden de taken van de directeur-generaal bij wijze van plaatsvervanging uitgeoefend door de secretaris-generaal.