Bijlage 12 Besluit EU-verordeningen Wft: verordening (EU) nr. 909/2014 (CSDR – centrale effectenbewaarinstellingen)
Verordening (EU) nr. 909/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende de verbetering van de effectenafwikkeling in de Europese Unie, betreffende centrale effectenbewaarinstellingen en tot wijziging van Richtlijnen 98/26/EG en 2014/65/EU en Verordening (EU) nr. 236/2012 (PbEU 2014, L 257) De Nederlandsche Bank: ten aanzien van de artikelen 9, voor zover het een bank betreft, 22 en 22 bis, 39 tot en met 47 bis, 54 tot en met 57 en 59 en 60. De Autoriteit Financiële Markten: ten aanzien van de artikelen 3 tot en met 7 bis, 9, voor zover het een andere onderneming dan een bank betreft, 16 tot en met 20, 22 tot en met 24 bis, 26 tot en met 38 en 48 tot en met 53. Last onder dwangsom Bestuurlijke boete1 Artikelen Artikelen Boetecategorie 3 3 3 (€ 20.000.000) 5, eerste en tweede lid 5, eerste en tweede lid 3 (€ 20.000.000) 6, eerste tot en met vierde lid 6, eerste tot en met vierde lid 2 6, vijfde lid (RTS) 6, vijfde lid (RTS) 2 7, eerste, tweede en zevende lid 7, eerste, tweede, en zevende lid 2 7, vijfde lid (DA) 7, vijfde lid (DA) 2 7, negende lid (DA) 7, negende lid (DA) 2 7, tiende lid (RTS) 7, tiende lid (RTS) 2 7 bis, eerste lid (DA) 7 bis, eerste lid (DA) 2 7 bis, vierde lid 7 bis, vierde lid 3 (€ 20.000.000) 7 bis, vijfde tot en met negende lid 7 bis, vijfde tot en met negende lid 2 7 bis, tiende lid 7 bis, tiende lid 1 7 bis, elfde lid 7 bis, elfde lid 2 7 bis, vijftiende lid (RTS) voor zover betrekking hebbende op het vierde lid 7 bis, vijftiende lid (RTS) voor zover betrekking hebbende op het vierde lid 3 (€ 20.000.000) 7 bis, vijftiende lid (RTS) voor zover betrekking hebbende op het vijfde tot en met negende lid en elfde lid 7 bis, vijftiende lid (RTS) voor zover betrekking hebbende op het vijfde tot en met negende lid en elfde lid 2 7 bis, vijftiende lid (RTS) voor zover betrekking hebbende op het tiende lid 7 bis, vijftiende lid (RTS) voor zover betrekking hebbende op het tiende lid 1 9, eerste lid 9, eerste lid 1 9, tweede lid (R
- 1. Indien de Autoriteit Financiële Markten voornemens is een vergunning te verlenen als bedoeld in artikel 16 of 19 van de verordening, een vergunning in te trekken op grond van artikel 20 van de verordening, een beoordeling te maken van een gekwalificeerde deelneming op grond van artikel 27 bis en 27 ter van de verordening of op grond van artikel 1:79 of 1:80 van de wet een besluit te nemen ter zake van overtreding van de artikelen 26 tot en met 31 en 48 tot en met 53 van de verordening, stelt zij de Nederlandsche Bank van het voorgenomen besluit in kennis.
- 2. Indien de Nederlandsche Bank oordeelt dat zwaarwegende redenen betreffende de soliditeit van de betrokken onderneming of de stabiliteit van het financiële stelsel daar aanleiding toe geven, kan zij de Autoriteit Financiële Markten een bindende aanbeveling omtrent het besluit doen. De aanbeveling is met redenen omkleed en wordt binnen zes weken na de inkennisstelling schriftelijk ingediend.
- 3. De Autoriteit Financiële Markten geeft uitvoering aan de bindende aanbeveling. Indien zij aan de aanbeveling uitvoering geeft door een besluit te nemen, maakt de aanbeveling deel uit van dat besluit.