Bijlage 1 Regeling regionaal investeringsfonds mbo 2024–2027: behorende bij artikel 19 van de Regeling regionaal investeringsfonds mbo 2024 -2027
Regeling regionaal investeringsfonds mbo 2024–2027
Toets vooraf: De subsidie voor starters is bedoeld voor nieuwe projecten. Het is niet bedoeld voor projecten die voortkomen uit eerder vanuit het RIF gesubsidieerde projecten. Om als starter voor subsidie van het RIF in aanmerking te komen geldt dat het project (de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd) niet eerder subsidie heeft ontvangen uit het RIF. Criterium Deelaspecten Minimale vereisten Scoring 1. Verbetering aansluiting onderwijs op de arbeidsmarkt Het project vloeit logisch voort uit een analyse van het werkgebied, regio of sector en sluit logisch aan bij de kwaliteitsagenda van de mbo-scholen. 1. Er zijn onderbouwde keuzes gemaakt voor de afbakening van de regio. 2. De aanvraag is onderbouwd met actuele kwantitatieve en kwalitatieve gegevens (inclusief bronvermelding), en er wordt (waar mogelijk) met het project aangesloten op de analyse van het werkgebied en andere bestaande regionale en sectorale (arbeidsmarkt)agenda’s. 3. Indien het project niet logisch aansluit bij de kwaliteitsagenda van de mbo-scholen, dan motiveert de aanvrager waarom dit het geval is. Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van unieke kansen die ten tijde van het opstellen van kwaliteitsagenda nog niet voorzien waren. Voor dit deelaspect wordt een hogere score toegekend naarmate de kwaliteit van de analyse van het werkgebied hoger is, blijkend uit onder andere: 1. Een heldere onderbouwing van de afbakening van de regio. 2. Aansluiting van het project op de analyse van het werkgebied. 3. Aansluiting van het project op bestaande regionale en sectorale (arbeidsmarkt)agenda’s en programma’s (zoals het Aanvalsplan Groene en Digitale banen, Programma Toekomstbestendige Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn, Sterk Techniekonderwijs). 4. (Indien van toepassing) een heldere motivatie waarom het project niet voortvloeit uit de kwaliteitsagenda van de school. De doelstellingen van het project zijn gericht op het verbeteren van de aansluiting van het onderwijs op de regionale (toekomstige) arbeidsma
- 1. het project waarvoor eerder subsidie is verkregen vanuit het RIF 1 (2014–2018) of RIF 2 (2019–2023) is afgerond. Dat wil zeggen dat de subsidie is vastgesteld;
- 2. het project niet eerder als opschaler subsidie heeft ontvangen vanuit het RIF 2 (2019–2023);
- 3. activiteiten waarvoor subsidie kan worden verkregen aanvullend zijn op de activiteiten waarvoor eerder subsidie is verkregen. Uitsluitend verdiepings- en verbredingsactiviteiten komen in aanmerking voor subsidie;
- 4. het project voortvloeit uit het project waarvoor eerder subsidie is verkregen. Dit moet blijken uit de doelstellingen, strategie en voorgenomen activiteiten van de opschaling. En het moet blijken uit het feit dat het samenwerkingsverband (de pps-partners) voor ten minste de helft blijft deelnemen in het project;
- 5. het project waarvoor eerder subsidie is verkregen aantoonbaar succesvol zonder rijkssubsidie is voortgezet. Dit betekent dat er een gedegen evaluatie heeft plaatsgevonden waaruit blijkt dat (a) het project in termen van ontwikkeling en doelrealisatie succesvol is geweest en (b) er sprake is van een duurzame publiek-private samenwerking. Over deze resultaten van de evaluatie wordt door de aanvrager gerapporteerd in de aanvraag voor de opschaling.