Art. 3 Regeling betreffende evidente staatloosheid en het identificatiedocument voor staatlozen

Regeling betreffende evidente staatloosheid en het identificatiedocument voor staatlozen

1. Het identificatiedocument bedoeld in artikel 6 van de Wet vaststellingsprocedure staatloosheid is het document S, waarvan het vastgestelde model is opgenomen in bijlage 3 van deze regeling.

2. Ter zake van de afdoening van een verzoek om het in het eerste lid bedoelde identificatiedocument te verstrekken, is de staatloze een bedrag van € 254,– verschuldigd en de minderjarige staatloze een bedrag van € 85,–.

3. De staatloze dient het verzoek, bedoeld in het tweede lid, in persoon in bij het loket van de Immigratie- en Naturalisatiedienst. Bij de indiening van dat verzoek maakt de staatloze gebruik van het model dat als bijlage 4 bij deze regeling is gevoegd.

4. De staatloze haalt het identificatiedocument in persoon af bij het loket van de Immigratie- en Naturalisatiedienst.