Art. 9 Subsidieregeling stimulering uitvoering maatregelen Deltaplan Agrarisch Waterbeheer, Afwijzingsgronden
Subsidieregeling stimulering uitvoering maatregelen Deltaplan Agrarisch Waterbeheer
1. De minister beslist afwijzend op de aanvraag als:
a. de uitvoering van een van de deelprojecten niet voldoende bijdraagt aan het verminderen van de wateropgaven zoals beschreven in de Gebiedsdocumenten agrarische wateropgave;
b. uit de beschrijving, bedoeld in artikel 8, vierde lid, onder 4°, blijkt dat bij de uitvoering van het projectpakket niet of in zeer geringe mate wordt samengewerkt met een of meer agrariërs of agrarische samenwerkingsverbanden;
c. het deelbudget van een waterschap, bedoeld in artikel 7, tweede lid, zou worden overschreden door verlening van de subsidie; en
d. de aanvraag niet voldoet aan de in deze regeling opgenomen regels en criteria.
2. De minister kan beslissen de aanvraag af te wijzen als:
a. onvoldoende vertrouwen bestaat in de economische haalbaarheid, waarvan in ieder geval sprake is als kosten onvoldoende gedekt worden door bijdragen van het waterschap of derden; en
b. de kosten die in aanmerking komen voor subsidie niet aannemelijk of redelijk onderbouwd zijn.