Art. 2.6 Tijdelijke regeling specifieke uitkering aanvullende seksuele gezondheidzorg, Verplichtingen
Tijdelijke regeling specifieke uitkering aanvullende seksuele gezondheidzorg
De coördinerende GGD draagt ten behoeve van diens regio zorg voor dat in het jaar waarvoor de uitkering wordt verstrekt:
a. zowel soa-zorg als seksualiteitshulpverlening in diens regio wordt aangeboden;
b. sprake is van inspanningen om personen te bereiken die ondervertegenwoordigd zijn in de aanvullende seksuele gezondheidszorg
c. bij soa-zorg, sprake is van een optimaal vindpercentage soa;
d. van personen, bedoeld in artikel 2.5, tweede en derde lid, geen betalingen worden verlangd;
e. de aanvullende seksuele gezondheidszorg wordt uitgevoerd in samenwerking met andere GGD’en binnen de regio;
f. de aanvullende seksuele gezondheidszorg van verantwoorde kwaliteit conform het vigerende kwaliteitsprofiel is;
g. uiterlijk twee maanden na afloop van ieder kwartaal gegevens worden verstrekt aan het RIVM over het aantal consulten, het aantal aanvragen voor soa-diagnostiek en het aantal gevonden soa, alsmede gegevens ten behoeve van onderzoek naar het voorkomen van soa;
h. de registratie, bedoeld in artikel 2.1, tweede lid onder f, en derde lid, onder e, op een door de minister vastgestelde wijze wordt verstrekt aan het RIVM.