Bijlage 2 Regeling specifieke uitkering transitievergoeding regionale OV-concessies 2023: kosten en opbrengsten die worden meegenomen in de berekening van de specifieke uitkering; behorend bij de artikelen 1 en 6 van de Regeling specifieke uitkering transitievergoeding regionale OV-concessies 2023

Regeling specifieke uitkering transitievergoeding regionale OV-concessies 2023

Kosten Onderdeel van berekening specifieke uitkering Personeelskosten √ Betreft de personeelskosten van direct personeel. Dat is personeel dat direct betrokken is bij het primair proces, dus ook controle. Daarnaast mag aan een concessie een deel indirecte personeelskosten (‘overhead’) worden toegevoegd conform de richtlijn opgenomen in hoofdstuk 3 van de Technische notitie (die aan het einde van dit document is toegevoegd). Oftewel de kosten voor de eigen organisatie van een vervoerbedrijf. Zoals onder meer de directie, medewerkers van Marketing, HRM, vervoerontwikkeling, Verkeersleiding en van het service/klantencentrum, maar ook om bijvoorbeeld de ondernemingsraad. Het aandeel indirecte personeelskosten wordt bij de verantwoording in de toelichting bij de kosten expliciet gemaakt. Tot de personeelskosten behoren salariskosten, sociale lasten, pensioenlasten, kosten inhuur derden en overige personeelskosten. Een contractueel overeengekomen ontslagvergoeding binnen de in artikel 7, zesde lid, onder c, beschreven norm, mag niet worden opgenomen in de kosten die een rol spelen bij de berekening van de transitievergoeding. Operationele kosten √ Het aandeel indirecte kosten zoals van gecentraliseerde, facilitaire afdelingen: hoofd- of regionale kantoren, ICT, HR, marketing, onderzoek & ontwikkeling, etc. Wordt in de toelichting bij de verantwoording expliciet gemaakt. Tot de operationele kosten behoren onderhouds-, energie- en leasekosten, huur van gebouwen en terreinen, kosten IT, telecom en porti, verzekeringen, marketing- en bankkosten en overige operationele kosten (waaronder, maar niet uitsluitend, uitbesteed werk/inhuur derden). Afschrijving √ Afschrijvingen zoals in beleid voorafgaand aan de coronacrisis, 15 maart 2020 is bepaald. Wanneer in de subsidiabele periode afboekingen (impairment) plaatsvinden als gevolg van Covid-19 (bijvoorbeeld op een verlieslatend contract) of als gevolg van de uitvoering van het plan ‘op weg naar het nieuwe normaal’ in 2024 terwijl