Art. 7.5 Gerechtsdeurwaardersverordening, (einde lidmaatschap van de ledenraad)
Gerechtsdeurwaardersverordening
1. Het lidmaatschap van de ledenraad eindigt door:
a. aftreden;
b. verloop van de termijn, bedoeld in artikel 63, tweede lid, van de wet, tenzij het betreffende lid terstond wordt herbenoemd voor een volgende termijn;
c. verlies van hoedanigheid als gerechtsdeurwaarder, toegevoegd gerechtsdeurwaarder of kandidaat-gerechtsdeurwaarder of waarnemend gerechtsdeurwaarder;
d. ontslag door de Algemene ledenvergadering als bedoeld in artikel 70 van de wet.
2. Een lid van de ledenraad kan door iedere gerechtsdeurwaarder, toegevoegd gerechtsdeurwaarder, kandidaat-gerechtsdeurwaarder en waarnemend gerechtsdeurwaarder worden voorgedragen voor ontslag door de algemene ledenvergadering.